We verdwalen mateloos
zwalken op kousenvoeten
over doorgestikte straten
betreden tuinen voor
geblindeerde ramen
plukken bloemen
gewetenloos. Ze worden
niet gemist. De trein het
spoor bijster raakt nooit
uitgecheckt.
De overbodige regels
krassen we weg,
gniffelen om wat
overblijft
Onze vingers, zoekend
naar altijd weer.
Conny Lahnstein
Posthoorn Schagen