Telkens als ik het tipje van haar staart vang
en mij vastklamp, schiet zij als een paradijsvogel
voor mij uit de lucht in. Stuwt mij op, stort mij
neer of verrast mij met haar luwte. Toont mij
alle regenbogen in de wisselende seizoenen.
Ik ken haar niet, maar verwacht en verlang
zolang de hartslagen tellen, zolang ze mij gunt.
Dat ik zal voortleven, tot in het ongewisse.
Conny Lahnstein